titel: FOTOGRAFIĆ«N

Een reis in de voetsporen van mijn overgrootmoeder

***
WIJ HOUDEN ALLEN VAN HET INDIVIDUELE; VANDAAR DE GROTE VREUGDE DIE WE BELEVEN AAN PORTRETTEN, BEKENTENISSEN, MEMOIRES, BRIEVEN EN ANEKDOTES, ZELFS BIJ ONBELANGRIJKE OVERLEDEN MENSEN.
***
(Johann Wolfgang von Goethe)

Carte de Visite worden ze genoemd, de kleine, monochrome, opgeplakte foto-afdrukken met op de achterkant van het kartonnetje vaak in sierlijk gedrukte letters, de naam van de fotograaf en het adres van het atelier. De fotograaf kan zelfs verheven zijn tot hoffotograaf.
Soms staat er vermeld dat de fotograaf een prijs heeft gewonnen. Een tekening van de ronde medaille die bij de prijs hoort prijkt dan onder de naam van de fotograaf met de tekst Preis medaille der internationalen Photografischen Ausstellung zu Berlin 1865

De kaartjes zijn gemiddeld 6 bij 8,5 centimeter en ze staan een beetje krom door de verlijming van de fotopapier met het karton. De afdrukken op dun papier, zijn albumine drukken, een fotografische druktechniek met eiwit en zilvernitraat uitgevonden in de tweede helft van de negentiende eeuw.

De verzameling Carte de visite die ik heb geërfd zijn geen portretten maar beelden van toeristische plekken; Carte de Visite Touristique noem ik ze.
De zwarte, fraai vormgegeven doos waarin ze al meer dan een eeuw worden bewaard is door de tand destijds een beetje uit elkaar gevallen. Het deksel is los gekomen van de doos maar voor de rest is de doos nog helemaal intact. De buitenkant is bekleed met zwart linnen, op de deksel een opdruk PHOTOGRAPHS. Van binnen beplakt met wit glanzend papier met een een structuur, ingedeeld in drie compartimentjes, waar de CdV’s inpassen. De doos is waarschijnlijk een geschenk van sinterklaas geweest, getuige het handgeschreven, licht verkleurde sinterklaasgedichtje, dat ik op de bodem van de doos aantrof.

St. Niklaas brengt uit Spanje
Deéz doos voor u mee
Want wie past haar beter
Dan de vrolijke Kee
Want zij gaat toch reizen
Jaar in jaar uit
En brengt fotografiën
Van Noord en van Zuid
St Nikolaas

In een brief uit 1869, aan mijn overgrootmoeder die in Vaals op kostschool zit, schrijft haar moeder of ze haar wil laten weten wat ‘St Nikolaas’ haar zal schenken. Als zij de doos toen heeft gekregen, is zij 16 jaar oud en ligt de wereld aan haar voeten. Het reizen is in zwang, ondanks dat het allemaal veel tijd en moeite kost om ergens te komen.

Het boek 'De reis om de wereld in 80 dagen' van Jules Verne werd gepubliceerd in 1872. De Amerikaanse journaliste Nellie Bly werd geïnspireerd door het boek en besloot 1888 om de fictieve wereldreis van Jules Verne daadwerkelijk te gaan maken. Geinspireerd door Bly heb ik de locaties van de CdV’s uitgezet op een kaart met het idee de oorden te bezoeken en opnieuw te fotograferen.

Nostalgisch reis ik samen met mijn geliefde, in een zelfgebouwde camper in de voetsporen van mijn overgrootmoeder, de CdV’s achterna, naar fenomenen, in Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk. Oorden die nu nog steeds als toplocaties worden beschouwd en plat getreden worden door vermoeide toeristen uit alle windstreken. Oorden die allemaal met een eigen geschiedenis verbonden zijn aan het Europa van voor de wereldoorlogen. Natuurverschijnselen zoals stuivende watervallen van grote hoogte, kloven, bergpassen en hoog gelegen meren of buitengewone bouwwerken, spoorbruggen, kerken, paleizen, sculpturen en kuuroorden met bijzondere heilbronnen. Toeristische attracties die voor het eerst werden vastgelegd door fotografen om de herinnering aan de plek tastbaar te maken. Honderden van deze opname zijn afgedrukt en verkocht, verzameld in dozen, fotoalbums en terecht gekomen in archieven, musea en op internet.

Een reis, aangezet door een verzameling van een voorouder, waarin de genealogische lijn wordt doorgetrokken in tijd naast een geologische lijn in de ruimte.

***
‘Our duration is not merely one instant repalcing an other; if it were, there would never be anything but present – no prolonging of the past in the actual…
Duration is the continuous progress of the past which gnaws in to the future and which swells as it advances. (Bergson Creative Evolutions 1911)

The past, in short, does not tail off like a succession of dots left ever further behind. Such a tail is but the ghost of history, retrospectively reconstructed as a squence of unique events. In reality, the past is with us as we press into the future. In this pressure lies the work of memory, the guiding hand of a consciousness that, as it goes along, also rembers the way. Retracing the lines of past lives is the way we proceed along our one lives.’

‘Het verleden sterft niet weg als een rij stippen die steeds verder achter gelaten wordt.
Een dergelijke rij is niet meer dan de geest van de geschiedenis, in retrospectief gereconstrueerd als een opeenvolging van unieke gebeurtenissen. In werkelijkheid, het verleden is bij ons als wij doordringen in de toekomst. In deze kracht ligt het werk van het geheugen, de helpende hand van een bewustzijn dat, als het gaat, de weg herinnert. Terugzoeken van lijnen van vroegere levens is de manier waarop wij door gaan met ons eigen leven.’
***
(Lines, a brief history, Tim Ingold)